Studies Art @ AKV St.joost // Lives in The Hague // Born 6 october 1987
Fanja van Driel heeft haar status veranderd van in een relatie naar vrijgezel
De mens is altijd op zoek naar liefde. Liefde voor je naasten en liefde in een
relatie. We willen bijna allemaal een partner om ons leven mee te delen. Alleen
is niet genoeg. Onder onze naam zetten we onze burgerlijke staat en ook op
sociale media melden we of we single zijn of niet. Intimiteit is geven en nemen,
delen. Je deelt een stukje van jezelf met de ander. Je kunt lekker jezelf zijn
met hem of haar. Toch is dat niet altijd het geval. Je wilt in een relatie vooral
'jezelf zijn'. We stellen dit omdat we uit ervaring weten hoe anders iemand is
in een relatie vergeleken met single zijn. Je past je aan aan een ander en houdt
rekening met hem of haar. Ben je dan nog wel echt jezelf?
Ik hou van jou of hou jij van mij
Zonder liefde in het leven is het leven niet compleet. Liefde, in de breedste
zin dus niet alleen voor een partner, maakt het leven meer waard. Dit komt
voort uit de romantische gedachtes; door je te verliezen in de ander kun je
dichterbij jezelf komen. We houden van de ander maar feitelijk draait het om
onszelf. Je wilt van iemand houden en bij iemand horen. En je verlangt dat
andersom ook. Je wordt door de ander erkend en geliefd.
Liefde lijkt ook iets te zijn wat niet te beredeneren valt. Je kunt het niet
beargumenteren en daarom lijkt het puur en echt. Waarom je van iemand houdt
valt niet goed uit te leggen. Per definitie is dit ook onmogelijk. Het
emotionele en het rationele zijn niet te verenigen. Zo is het ook bij het
eindigen van een relatie. Als iemand 'het niet meer voelt' kun je daar geen
geldige argumenten tegenin brengen.
Aanpassing en evolutie
De gehele evolutie is gebaseerd op voortplanting en aanpassing. We zoeken de
beste partner voor het beste nageslacht. Aanpassing is dan ook noodzakelijk
wil je met de ander samen iets delen. Daarnaast vergroot het je je kansen op
succes bij het veroveren van een partner. Je laat je van je beste kanten zien
om indruk te maken. Aanpassen aan je omgeving is noodzakelijk om te overleven.
De mens zal zich altijd aanpassen dat is de aard van ons overlevingsmechanisme.
Zo is 'jezelf zijn' dus altijd aanpassen op basis van de beste keuzes om het
beste resultaat eruit te halen.
Porno en de macht van de vrouw
De seksualisering van de samenleving dreigt aan alle kanten. De jeugd kijkt veel
te veel porno en ziet dagelijks vrouwen afgebeeld als lustobjecten in clips op
MTV. Ook in de politiek is er de laatste jaren meer aandacht voor dit fenomeen.
Er zijn steeds meer jongeren die losgeslagen zijn en geen grenzen kunnen stellen,
is de overheersende mening. Meisjes en vrouwen lijken het meest slachtoffer
te zijn van al deze ontwikkelingen, ze zijn gereduceerd tot lustobject.
In zijn boek
En mijn tafelheer is Plato, een filosofische kijk op de
actualiteit, beschrijft Rob Wijnberg een andere positie hierin.
"Als jongens seks willen, wordt dat eerder als een natuurlijk gegeven gezien dan
als een autonome beslissing. 'Zo zijn jongens nu eenmaal', wordt dan vaak gezegd
– niet in de laatste plaats door de meisjes, zo blijkt uit het onderzoek.
Meisjes worden daarentegen wel als autonome individuen beschouwd: het is
immers aan hen om aan te geven of ze wel of geen seks willen. De dubbele
moraal ten aanzien van meisjes is hier dus het logische gevolg van: als een
meisje geen grenzen stelt aan de behoeften die de jongen etaleert – en dus niet
handelt als een autonoom individu –, wordt haar dat onmiddellijk verweten. De
jongen treft verder geen blaam: hij wordt 'extern' bepaald door zijn driften."
Jongens zijn dus eigenlijk net zo geobjectiveerd, of misschien wel erger,
dan meisjes. Immers een meisje kan een autonome beslissing maken, een jongen
kan niet anders dan zich overgeven aan zijn driften. De vrouw lijkt hierin
dus ook de meeste macht te hebben. De jongen etaleert zijn behoeften en de
vrouw beslist. Gebeurt dit andersom dan is een meisje al snel een 'slet' of
een 'hoer', een jongen is vooral stoer als hij met veel meisjes naar bed gaat.
Online liefde
Op facebook stond een aantal maanden geleden dat mijn burgerlijke staat was
veranderd van 'in een relatie' naar 'single'. Allerlei 'vrienden' konden
hierop reageren en deden dat ook. Zo kreeg ik reacties als; "WTF.." (afkorting
voor 'what the fuck') en "*hug*" (de * tekens staan hier voor dat je het dóet,
iemand een knuffel geeft). Mensen konden met mij meeleven en wilden mij troost
geven. Lief en aardig bedoelt, maar dit voelde nogal vreemd. Het voelde alsof
het eindigen van mijn relatie was gereduceerd tot een 'post' op facebook. En
daarmee was de kous af. Waarschijnlijk zullen dit soort reacties online en
dergelijke wel steeds normaler worden, waardoor we er ook allemaal anders mee
om kunnen gaan. Het is een andere vorm van meeleven met elkaar. Mensen denken
even aan je en leven met je mee.
We zijn allemaal hard op zoek naar 'de andere helft'. We doen dat ook via het
internet. Als je wat leuk online contact hebt met iemand, wordt echter wel
aangeraden om snel af te spreken. Het is toch anders in RL ('real life').
Vroeger had je een pen vriend(in). Iemand die je niet vaak ziet,
maar waar je dus juist alles lekker aan kwijt kan. Tegenwoordig kunnen
we dit online vinden. Blijft dat dan oppervlakkig? Kan
oppervlakkige intimiteit ook bestaan? Moet je eerst iemand vaak in
levende lijven zien voor je ultiem intiem kan zijn?
Jezelf helemaal laten gaan, jezelf zijn.
Moet je perse elkaar kunnen aanraken om intiem met elkaar te kunnen zijn in ons
digitale tijdperk?
fanja/observator/interpretator/filosoof/kunstenaar
Intimiteit en liefde zijn bijna synoniemen van elkaar. Liefde op het eerste
gezicht. Liefde maakt blind, voor jezelf en de ander. Is het een kwestie van
hormonen en chemische stofjes, gecombineerd met voorplantingsdrang, die maakt
dat je intiem wil zijn met iemand. Worden die stofjes versterkt als je elkaar
beter leert kennen? Of blijven het altijd dezelfde stofjes? Zouden ze harder
of anders gaan werken als je elkaar beter kent?
Een duidelijk antwoord valt helaas
niet te echt te vinden, behalve het stellen van de vragen op zichzelf.